De kelder van...

De kelder van...

Door Xavier Kat | 20 november 2020

Marcel Peijnenburg

Marcel groeide op met wijn, of beter gezegd: boven wijn: zijn vader had dertigduizend flessen wijn in zijn kelder. “Ons pa komt uit het geslacht van Peijnenburgen, bekend van de ontbijtkoek.” De overgrootvader van Marcel, die bakker is, richt het bedrijf op en diens zoon breidt het verder uit. Twee oudere broers van Marcels vader gaan de zaak in en maken het bedrijf echt groot; zelf gaat deze na zijn opleiding aan de Hoge Hotelschool werken op een cruiseschip van de Holland America Line. Op een van zijn reizen ontmoet hij zijn latere vrouw, die bij de concurrent vaart, Lloyd Cruises. Ze besluiten samen een restaurant te beginnen. Het is 1957 als De Zwaan in Etten-Leur zijn deuren opent. “Pa is vooral gastheer, terwijl ma voor de zaken zorgt.” De familie trekt in boven de zaak. Marcel (nu 55) is de jongste van vier; hij heeft twee broers en een zus. “We kwamen graag in die wijnkelder onder de zaak. Vooral om indruk te maken op de meisjes, met de hoop op een kusje als beloning.”


Allo-allo accent
Als Marcel, in navolging van zijn vader en zijn broer Roland, naar de Hoge Hotelschool in Den Haag gaat, drinkt hij tijdens de gezellige avonden vooral bier en andere drankjes. Geen wijn. Dit verandert als hij stage mag lopen in Disney World in Florida. Daar ontdekt hij dat de sommelier 10% krijgt van de wijnverkoop op een avond. Dus begint hij die rol op zich te nemen als de sommelier vrij is. “Ik was de enige die met een normaal Frans accent Puligny-Montrachet uit kon spreken en verder deed ik net of ik er iets van wist. Uiteindelijk kreeg ik de functie van sommelier, terwijl ik krap drie maanden wijn dronk en geen idee had wat ik verkocht. Mensen zagen mijn naambordje en vroegen: “Is your name really Marcel? Are you French?”, waarop ik met een allo-allo Frans accent antwoordde: “Oui, I come from Europe and this is a very nice wine with a lovely bouquet and some nice fruit.” Het legt hem als stagiair geen windeieren, en wakkert tegelijkertijd het wijnvuurtje aan, wat niet meer zou doven.


Voor iedere fles is er in de kelder een speciaal plekje.

Zingend in de kelder
In 1995 overlijdt Marcels vader op 65-jarige leeftijd. Broer Roland heeft net de zaak overgenomen. “Een pittige tijd voor mijn broer – in datzelfde jaar overleed ook nog eens de chef-kok –, maar ook voor ons natuurlijk. In zijn actieve leven reed pa jaarlijks langs een aantal wijnstreken en -huizen; Champagne en Fleurie werden altijd aangedaan. In Fleurie at hij steevast bij Auberge du Cep, waar een grote struise dame maître was. De chef kookte er met grote stukken boter. Daar liet hij zich de hele avond fêteren en de volgende ochtend zat hij bij André Métrat. Dan zaten ze samen te zingen in de kelder en proefden ze alle wijnen, meerdere keren. Na afloop vulde hij zijn achterbak met heerlijke flessen Fleurie. Na het overlijden van pa zijn mijn broers en ik met zijn drieën diezelfde tour gaan maken en zaten wij met Métrat te zingen in de kelder.”

Talbot- of Fleurie-avond?
Aan mooie wijnanekdotes is sowieso geen gebrek. “Pa nam, toen hij nog werkte, na het service altijd wat wijnkliekjes mee naar boven. Zeker als het Fleurie was, maar nog liever dronk hij Château Talbot. Thuis werd het een grap om als hij naar boven kwam te vragen of het een Fleurie- of een Talbot-avond was. Een keer toen mijn vader ziek was, waren we ’s avonds met het hele gezin bij elkaar en karakteriseerde hij ons allemaal met één woord: mijn zus was het goeike, Roland kordaat, Leon de lieve en ik de springlevende. Hierna vroegen we aan pa of het een Talbot of Fleurie-avond was, waarop hij antwoordde dat hij met een mooi glas Fleurie nu ook heel blij zou zijn. Met wijn was hij eigenlijk best bescheiden. Hij vond het al snel mooi.”

Willem Endstra en DJ Tiësto
Het zijn er misschien geen dertigduizend, maar Marcel heeft inmiddels zelf ook een mooie verzameling flessen wijn liggen. Chateau Talbot en Fleurie ontbreken daarbij vanzelfsprekend niet: van beide domeinen ligt er één fles in een speciaal kistje, samen met een fles Petrus uit 1989 – nóg een mooie anekdote. “Die Petrus hoort daar ook bij, maar is meer een link naar De Zwaan dan naar mijn vader. Willem Endstra kwam wel eens eten bij De Zwaan en had aan mijn broer gevraagd om Petrus 89. Mijn broer kocht daarop een kistje van zes flessen, waar Endstra er in totaal drie van dronk. Toen werd hij doodgeschoten. Kort daarop kwam DJ Tiësto eten en ging met mijn broer de kelder in. Hij kwam met een fles Petrus weer naar boven en postte een foto op Facebook, die binnen tien minuten 10.000 keer werd geliket. Die Petrus werd voor mij een soort relikwie en ik kocht de een-na-laatste fles van mijn broer. Het maakte het gedenkkistje compleet.” Of hij die Petrus ooit zelf gaat drinken? “Ik denk de komende tien jaar niet. Ongeopend is hij voor mij meer waard dan wanneer hij leeg is. Verkopen is in ieder geval geen optie. Wijnen moeten gedronken worden. In mijn kelder is zeker 95% om te drinken. Maar sommige wijnen uit mijn kelder zullen dicht blijven. Misschien zal ik de fles Petrus ooit met mijn broers en zus drinken tijdens een hele bijzondere avond met elkaar, ter nagedachtenis aan mijn vader en aan de Zwaan, die mijn broer net verkocht heeft.”


Die Petrus werd voor mij een soort relikwie en ik kocht de een-na-laatste fles van mijn broer. Het maakte het gedenkkistje compleet.

Wijn als belangrijke bijzaak
Want dat is het belangrijkste voor Marcel: de herinneringen die ontstaan bij het drinken van wijn, bijvoorbeeld wanneer hij samen met zijn vrouw Marleen op een zaterdag lekker kookt, speciaal voor bij een bijzondere fles. “In wijn zit een bepaalde kracht, vakmanschap en historie. Een mooie fles wijn is creatie. Ik geef daar graag geld aan uit, al ben ik niet de allergrootste kenner. Maar prijs-kwaliteitverhouding doet me niet zoveel; het gaat me vooral om de emotie en niet zozeer om de inhoud van de fles. Het drinken van een mooie fles wordt een herinnering, maar dan aan het moment en de gesprekken, meer dan aan de wijn zelf. De avond krijgt meer waarde als je met elkaar de wijn aan het onderzoeken bent, hem aandacht geeft. Maar de wijn zelf vertelt niet het verhaal van de avond.

Mijn wijnkelder vertegenwoordigt heel sterk wie ik ben
De wijn is een heel belangrijke bijzaak; een mooie omlijsting van een groot gesprek, ondersteunend aan het moment. Als ik die Petrus 1989 met mijn familie drink, gaat het om het moment met hen, niet om de wijn. Die draagt wel bij aan dat moment, als een multiplier. De avond zal fantastisch zijn, maar mijn zus zal zich achteraf niet kunnen herinneren welke wijn het was, alleen dat hij bijzonder was. Voor Leon geldt hetzelfde. Alleen Roland zal het precies weten.” Zijn wijnverzameling vervult hem met een gevoel van rijkdom. “In onze jeugd hebben wij geleerd dat dankbaarheid heel belangrijk is. Als ik door mijn huis loop en ik zie de rijkdom van de dingen die ik heb verzameld in al die jaren van reizen, dan ben ik dat, dankbaar. De energie die ik daaruit haal, gebruik ik weer in mijn werk, in mijn coaching. Daarnaast vertegenwoordigt mijn kelder heel sterk wie ik ben. Er is wellicht ook een connectie met het verleden. Misschien wel met mijn pa. Die heeft dit bij mij los gemaakt.”

Marcel is een kleinzoon van de koekhappers, werkt als trainer-coach-inspirator voor mensen in het bedrijfsleven en is tevens een verwoed wijnverzamelaar.